Wmo

Wet maatschappelijke ondersteuning

Wat is Wmo?

Wmo is de afkorting van Wet maatschappelijke ondersteuning.
Deze wet regelt hulpmiddelen en voorzieningen. En moet er voor zorgen
dat mensen zolang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen en mee kunnen doen in de samenleving.
De gemeente is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wmo.


Meer informatie over de Wmo

Ondersteuning vanuit de Wmo (alle informatie hierover)
Ondersteuning vanuit de Wmo

De Wet maatschappelijke ondersteuning zorgt ervoor dat iedereen kan blijven meedoen aan de samenleving en zoveel mogelijk zelfstandig kan blijven wonen. Dit doet u in samenwerking met uw gemeente. Hoe het werkt en hoe u dit kunt aanvragen wordt uitgelegd op de website van het CAK.

Wilt u de hulp of ondersteuning zelf regelen? Dan kunt u ook kiezen voor een persoonsgebonden budget (pgb) van uw gemeente. Voor dit pgb betaalt u ook een eigen bijdrage aan het CAK.

Alle informatie over de Wmo is te vinden op de website van het CAK. Link naar www.hetcak.nl 

P.S. Voor vragen en antwoorden over dit onderwerp is ook de website van Iederin zeer informatief. Link naar www.iederin.nl

Veranderingen Wmo-tarief vanaf 1 januari 2020 – eenvoudige uitleg door Ieder(in)
Wmo-abonnementstarief 2020: wat valt er wel en niet onder?

In 2020 verandert de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Onderstaande informatie van het ministerie van VWS legt uit waarom bepaalde Wmo-hulp en -ondersteuning onder het abonnementstarief valt en andere hulp en ondersteuning niet.

Wat verandert er in 2020?

Mensen met een beperking of chronische ziekte hebben vaak te maken met verschillende kosten in de zorg. Bijvoorbeeld het eigen risico voor de zorgverzekering en de eigen bijdrage voor de Wmo.

De overheid wil iets doen aan deze stapeling van eigen bijdragen. Daarom wordt in 2020 de eigen bijdrage in de Wmo voor de meeste hulp en ondersteuning maximaal 19 euro per maand. Dit is het abonnementstarief. Hierdoor worden de totale kosten van de zorg voor veel mensen met een beperking of chronische ziekte lager.

Waarvoor geldt het Wmo-abonnementstarief?

Vanaf 2020 geldt het abonnementstarief in principe voor alle maatwerkvoorzieningen en de algemene voorzieningen waarbij sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie.

Een algemene voorziening is voor iedere inwoner van de gemeente beschikbaar. Iedere inwoner kan hier gebruik van maken. Bijvoorbeeld een boodschappendienst of maaltijdvoorziening. Bij een algemene voorziening vindt 02 december 2019 geen uitgebreid onderzoek plaats naar uw persoonlijke situatie.

Een maatwerkvoorziening is een voorziening die past bij uw persoonlijke situatie. Bijvoorbeeld persoonlijke begeleiding of een woningaanpassing. Een maatwerkvoorziening krijgt u als een algemene voorziening voor u niet de juiste oplossing is. Om dit te bepalen doet de gemeente onderzoek naar uw situatie. Dat is meestal een gesprek met u om te kijken wat u nodig heeft.

Niet alle algemene voorzieningen vallen onder het abonnementstarief. Voor sommige algemene voorzieningen is 19 euro per maand niet passend. Voor deze hulp en ondersteuning kunnen gemeenten nog een aparte bijdrage vragen.

Veel gemeenten vragen bijvoorbeeld voor vervoer een lagere eigen bijdrage per rit. Het zou namelijk duurder zijn om 19 euro per maand te betalen als u bijvoorbeeld maar één keer per maand vervoer nodig hebt.

Wat is een duurzame hulpverleningsrelatie?

Voor algemene voorzieningen waarbij sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie betaalt u vanaf 2020 het abonnementstarief. Bij een duurzame hulpverleningsrelatie:

  • heeft u een hulpverlener die arbeid verricht. Dit kan bijvoorbeeld iemand zijn die het huis schoonmaakt of u helpt met uw administratie;
  • is het belangrijk dat u een vaste begeleider/hulp heeft;
  • komt de hulpverlener voor een langere periode bij u. Het is dus geen tijdelijke oplossing na bijvoorbeeld een ziekenhuisopname.

Elke gemeente bepaalt zelf bij welke van hun algemene voorzieningen sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie. De afweging wordt gemaakt per voorziening, niet per cliënt. Als een algemene voorziening voor de meeste cliënten aan alle drie de voorwaarden voldoet dan geldt voor die voorziening voor alle cliënten het abonnementstarief.

Een gemeente kan er voor kiezen om ook voorzieningen zonder duurzame hulpverleningsrelatie toe te voegen aan het abonnementstarief. Ook mag een gemeente er voor kiezen om geen bijdrage te vragen voor voorzieningen. Of om de eigen bijdrage te verlagen.

Voorbeelden

Hieronder staan enkele voorbeelden van voorzieningen die in sommige gemeenten algemene voorzieningen zijn. Ze laten zien of wel of geen sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie.

  • Bij begeleiding en huishoudelijke hulp is er in de meeste gevallen sprake van persoonlijke hulpverlening waarbij arbeid het grootste kostenonderdeel is. De hulpverlener komt regelmatig bij u thuis en er is veel persoonlijk contact.
    Het is belangrijk dat u een vaste begeleider/hulp heeft. Deze hulp/ondersteuning is meestal voor een langere periode nodig, bijvoorbeeld meer dan zes maanden. Er is hiermee sprake van een duurzame hulpverleningsrelatie.

  • Bij bijvoorbeeld tafeltje-dekje wordt u eten thuisgebracht. Wie deze maaltijden komt bezorgen is niet zo belangrijk. Er is hier geen sprake van een duurzame hulpverleningsrelatie.

  • Van respijtzorg maken de meeste mensen maar een paar keer per jaar gebruik. In dit geval is er geen langdurig gebruik. Daarom is er geen sprake van een duurzame hulpverleningsrelatie.
    Respijtzorg kan ook anders zijn geregeld. Bijvoorbeeld als respijtzorg vooral gericht is op gezinnen met een kind met een levenslange (verstandelijke) beperking. Of op mensen met een chronische aandoening. Dan kan er wel sprake zijn van een duurzame hulpverleningsrelatie.

  • In de meeste gevallen is dagbesteding een voorziening waarbij er sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie. Bijvoorbeeld een zorgboerderij waar u meerdere keren per week heen gaat. Soms is er bij dagbesteding geen duurzame hulpverleningsrelatie. Denk hierbij aan een buurthuis in de wijk waar wisselende vrijwilligers werken en mensen binnen kunnen lopen wanneer zij dit willen.

Het kan zo zijn dat er bij een voorziening voor een individuele cliënt sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie, maar voor de meeste cliënten niet. De voorziening valt dan niet onder het abonnementstarief. Gemeenten mogen voor deze voorziening een aparte bijdrage vragen. Hierdoor kan voor deze individuele cliënt de eigen bijdrage flink oplopen. In zo’n geval moet de gemeente onderzoeken of een algemene voorziening financieel passend is voor de cliënt. Als dit niet zo is, dan moet een andere mogelijkheid worden geboden. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een maatwerkvoorziening waarvoor het abonnementstarief geldt.

Vragen?

Heeft u vragen over welke voorzieningen in uw gemeente onder het abonnementstarief vallen, neem dan contact op met het Wmo-loket in uw gemeente.

02-12-2019 / www.iederin.nl

 

Veranderingen Wmo-tarief vanaf 1 januari 2020; met video uitleg CAK

Op 1 januari 2020 verandert de Wet Maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Dit heeft gevolgen voor iedereen die gebruikmaakt van de maatwerkvoorziening en voor de meeste mensen die gebruikmaken van een algemene voorziening van de Wmo.

ANBO zette de wijzigingen op hoofdlijnen op een rij.

1. Uitbreiding aantal voorzieningen onder abonnementstarief

Sinds 1 januari 2019 vallen de maatwerkvoorzieningen onder het abonnementstarief. Met deze maatregel werd een vast tarief ingevoerd voor de cliënten van de Wmo. Voor deze datum werd voor het gebruik van een maatwerkvoorziening per voorziening een eigen bijdrage gevraagd.

Vanaf 1 januari 2020 wordt het aantal voorzieningen dat onder het abonnementstarief valt uitgebreid. Vanaf deze datum vallen ook een deel van de algemene voorzieningen onder dit abonnementstarief. Het betreft het deel van de algemene voorzieningen waarbij sprake is van een “duurzame hulpverleningsrelatie”. In de praktijk gaat het hierbij meestal om huishoudelijke hulp. In een aantal gemeenten wordt huishoudelijke hulp als een algemene voorziening aangeboden. Ook andere algemene voorzieningen kunnen hier onder vallen.

Gemeenten zijn verplicht om in hun verordening aan te geven welke Wmo-voorzieningen onder het abonnementstarief vallen. Omdat gemeenten zelf de vrijheid hebben om ook andere voorzieningen onder het abonnementstarief te plaatsen ondersteuning die onder het abonnementstarief valt per gemeente.

2. Het tarief wordt omgezet

Het abonnementstarief is nu € 17,50 euro per vier weken voor cliënten die een Wmo-maatwerkvoorziening hebben. Dit tarief wordt vanaf 1 januari 2020 omgezet naar een bedrag van maximaal € 19,- per maand. Uw gemeente kan ervoor kiezen om de eigen bijdrage lager te laten zijn (bijvoorbeeld voor mensen met een minimuminkomen). Uw eigen bijdrage kan in ieder geval niet hoger zijn dan €19 per maand.

3. Wijzigingen in de facturering door CAK

Voor klanten van het CAK zijn deze inhoudelijke wijzigingen niet de enige veranderingen waar zij mee te maken krijgen. Ook het systeem van de facturering wordt per 1 januari 2020 aangepast. CAK informeert haar klanten ook over de nieuwe Wmo 2020 en de gevolgen daarvan. Bent u klant van het CAK, dan ontvangt u een brief met meer informatie over het volgende:

Factuur in de maand waarin de zorg wordt afgenomen:

Vanaf het nieuwe jaar zal het CAK maandelijks een factuur gaan sturen in de maand waarin de zorg wordt afgenomen.
Nu betalen klanten altijd achteraf voor de zorg. Op basis van signalen van klanten zijn deze verbeteringen in de Wmo doorgevoerd.

Situatie in januari 2020:
Door de overgang krijgen klanten in het begin van 2020 wel tijdelijk meerdere facturen op de deurmat.
In januari 2020 worden de facturen over de laatste twee perioden van 2019 verzonden. Het CAK heeft aangegeven dat als dit tot problemen leidt het CAK met de klant naar een oplossing.

Link naar Video CAK “Veranderingen in de Wmo vanaf 2020”

2 december 2019 / ANBO (www.anbo.nl)

Vervangende zorg voor mantelzorgers (respijtzorg)

Je kunt alleen goed voor een ander zorgen als je ook goed voor jezelf zorgt. Even ontspannen en tijd voor jezelf is daarbij belangrijk. Dit kan een uurtje sporten, een avondje voor jezelf maar ook bijvoorbeeld dagbesteding of logeeropvang voor degenen voor wie je zorgt zijn. Dit wordt ook wel respijt of respijtzorg genoemd.

Wat is respijtzorg?

Respijtzorg eenvoudig uitgelegd in een filmpje.

Mogelijkheden

Er zijn verschillende manieren om de zorg voor je familielid, vriend of buur met anderen te delen. Dit kan met vrienden, familie of buren of met vrijwilligers. Het kan één keer of vaker en bij jou thuis of ergens anders. Welke zorg je kiest hangt af van je wensen en de wensen van degene voor wie je zorgt. Soms wordt de zorg door de gemeente betaalt en soms vergoedt je zorgverzekeraar ook een aantal uur opvang.

Tips
  • Vraag mensen in je omgeving om je te helpen, begin klein bijvoorbeeld het doen van een boodschap.
  • Vraag bij je zorgverzekeraar en je gemeente wat zij aan mantelzorgondersteuning bieden.
  • Vind je het lastig om de zorg over te dragen? Gebruik dan de checklist “Overdragen van de zorg”. Deze is te vinden op www.mantelzorg.nl

ANBI

Fiscaal nr. ANBI: 8059 87 071 
KvK-nummer: 410 94 259

© PMB Eersel Alle rechten voorbehouden. Ondersteund door Reclamestudio Digi-Z.